Deutsches Requiem

Nederlands Philharmonisch Orkest

Deutsches Requiem

MEDIA

Programma

Brahms en Wiggelsworth         

Wigglesworth - Sternenfall Nederlandse première
Brahms - Ein Deutsches Requiem

Chef-dirigent Marc Albrecht zet zich in voor een van de meest geliefde werken uit de koorliteratuur: het requiem dat Brahms schreef op Duitse teksten. Gebruikelijk waren Latijnse teksten. Bovendien koos Brahms niet voor de aloude requiemteksten, maar selecteerde hij fragmenten uit de psalmen en andere bijbelse boeken waarin vergankelijkheid en hoop op nieuw leven bezongen worden. Voor koren is dit requiem een veel gekozen werk omdat het solistische aandeel in de minderheid is. Alle ruimte dus voor Toonkunstkoor Amsterdam. De koorliefhebbende luisteraars krijgen waar voor hun geld, want Brahms was een topper op het gebied van koorzangcompositie. Wat betreft de orkestrale laag ademt dit requiem een symfonische schoonheid. Brahms de zanger en de symfonicus vloeien ideaal samen. De opmaat naar het Requiem vormt de Nederlandse première van Sternenfall van composer-in-residence Ryan Wigglesworth.

Extra: Zaterdag 19.40 uur, Muziekcafé met Ryan Wigglesworth, Spiegelzaal.

  • Over de musici
  • Marc Albrecht

    Marc Albrecht, chef-dirigent

    Nederlands Philharmonisch Orkest

    Sinds 2011 is Marc Albrecht chef-dirigent van het Nederlands Philharmonisch Orkest, het Nederlands Kamerorkest en De Nationale Opera.

    Sinds 2011 is Marc Albrecht chef-dirigent van het Nederlands Philharmonisch Orkest, het Nederlands Kamerorkest en De Nationale Opera. Een samenwerking die, gezien de vele successen, in ieder geval tot 2020 verlengd is. Marc Albrecht wordt vooral geroemd om zijn interpretatie van werken geschreven rondom de Jahrhundertwende: werken van grootheden als Wagner, Mahler en Richard Strauss, maar ook van minder bekende componisten als Zemlinsky en Schreker. Over Albrechts meest recente Mahlervertolking schreef het NRC: ‘In de Tiende toonde Albrecht opnieuw zijn onopgesmukte Mahler-signatuur. En juist in die Tiende vergrootte zijn geserreerde stijl slechts de impact.’  Naast gastdirecties bij onder meer de Berliner Philharmoniker, Wiener Philharmoniker en het Koninklijk Concertgebouworkest, leidde hij van 2006 tot zijn komst naar Amsterdam het Orchestre Philharmonique de Strasbourg.

    Bij De Nationale Opera dirigeerde Marc Albrecht onder meer Die Frau ohne Schatten en Der Rosenkavalier van R. Strauss, Die Zauberflöte van Mozart, Gurre-Lieder van Schönberg, Lohengrin en Parsifal van Wagner en Hänsel und Gretel van Humperdinck. ‘De grootste pluim gaat naar specialist Marc Albrecht en zijn Nederlands Philharmonisch, die de bontgekleurde orkestpartituur in verbijsterend detail tot leven wekten. Albrecht bouwde de spanning zorgvuldig op en creëerde een geweldige emotionele impact,’ schreef het NRC naar aanleiding van de productie van Bergs Wozzeck in maart 2017.

    Over de hele wereld is Marc Albrecht een uiterst gewild operadirigent.  Al in 2003 debuteerde hij met succes bij de Salzburger Festspiele waar hij in 2010 met de Wiener Philharmoniker tekende voor een indrukwekkende Lulu, een productie die ook op dvd werd uitgebracht. Hij was te gast bij de Bayreuther Festspiele met Wagners Der fliegende Holländer. Met dezelfde opera schitterde hij in Covent Garden. Langdurig en intensief is zijn band met de Deutsche Oper Berlin. Van 2001 tot 2004 was hij er vaste gastdirigent en nog steeds leidt hij met regelmaat nieuwe producties bij dit gezelschap. Zo dirigeert hij in maart 2018 enige voorstellingen van Das Wunder der Heliane van Korngold.

    Ook waren er verscheidene prijzen voor bijzondere opnames. Zo werd in 2014 de opname van de DNO-productie Der Schatzgräber van Schreker onderscheiden met een Edison, terwijl Trojahns opera Orest een Edison-nominatie kreeg. De dvd De legende van de stad Kitesj ontving in 2015 de International Classical Music Award. Tot slot werd de DNO-productie Gurre-Lieder in 2015 genomineerd door de International Opera Award voor beste nieuwe productie. Als extra bekroning werd in 2016 De Nationale Opera onder  Marc Albrechts muzikale leiding door de International Opera Award uitgeroepen tot ‘Opera house of the year’.

    De vele symfonische programma’s die hij met het Nederlands Philharmonisch Orkest uitvoert, bewijzen overtuigend dat Marc Albrecht ook in de concertzaal één van de leidende dirigenten van onze tijd is. Marc Albrecht en het Nederlands Philharmonisch Orkest brachten diverse opnamen uit waaronder Mahlers orkestliederen en Vierde symfonie en de complete Elektra van Strauss.

    Deel
  • Inger Dam-Jensen

    Inger Dam-Jensen, sopraan

    De Deense sopraan Inger Dam-Jensen mag met recht de grote operadiva van haar land genoemd worden. Al

    De Deense sopraan Inger Dam-Jensen mag met recht de grote operadiva van haar land genoemd worden. Al vele jaren is ze met hart en ziel verbonden aan de Koninklijke Deense opera, een verbintenis die in 1993 begon. Dat was ook het jaar dat zij de  Cardiff Singer of the World Competition won nadat ze haar zangopleiding aan het Deens Conservatorium in Kopenhagen en de Deense Opera School voltooid had. Ze is beroemd om haar heldere, aanstekelijk en lyrische stem en is daarmee één van de belangrijkste coloratuursopranen van dit moment. Niet voor niets dat zij met grote regelmaat ook in de belangrijkste buitenlandse operahuizen te horen is zoals Covent Garden in Londen, de Opéra Bastille in Parijs en Glyndebourne. Daar en in haar thuisland schitterde ze in grote rollen als Cleopatra in Handels Giulio Césare, Sophie in Der Rosenkavalier en Susanna in Mozarts Figaro. Ook op het concertpodium is Inger Dam-Jensen veelvuldig te horen. Geliefd is zij om haar vertolkingen van het vocale werk van Strauss en Mahler. Van Griegs complete Peer Gynt maakte ze een cd-opname die nog steeds als exemplarisch wordt beschouwd.

    Deel
  • Toonkunstkoor Amsterdam

    Toonkunstkoor Amsterdam, koor

    Het Toonkunstkoor Amsterdam is een waar muzikaal instituut dat de koortraditie in de hoofdstad hooghoudt. Het koor bestaat uit uitstekend geschoolde amateurzangers.

    Toen in 1829 de Maatschappij ter Bevordering der Toonkunst werd opgericht, was Amsterdam één van de eerste afdelingen die een eigen koor oprichtte. In al die jaren is het Toonkunstkoor Amsterdam uitgegroeid tot een waar muzikaal instituut dat de koortraditie in de hoofdstad hooghoudt. Het koor bestaat uit uitstekend geschoolde amateurzangers. Door die hoge kwaliteit verleent het met grote regelmaat medewerking aan producties van de Nederlandse symfonieorkesten waaronder het Koninklijk Concertgebouworkest, het Residentie Orkest, het Rotterdams Philharmonisch Orkest en het Nederlands Philharmonisch Orkest. Daarbij schuwen de zangers het niet om ook lastig repertoire uit de 20e eeuw uit te voeren dat maar zelden bij amateurkoren te vinden is. Niet voor niets dus dat zij in hun lange geschiedenis optraden onder legendarische dirigenten als Otto Klemperer, Bruno Walter, Eduard van Beinum en Bernard Haitink.

    Een belangrijke pijler in het repertoire van Toonkunstkoor Amsterdam, dat sinds 2003 onder leiding staat van Boudewijn Jansen, is de jaarlijkse uitvoering van de Matthäus Passion in het Koninklijk Concertgebouw. Een traditie die met Mengelberg in 1899 in gang werd gezet, en waaraan het Nederlands Kamerorkest ook enkele jaren zijn medewerking verleende.

    Deel
  • David Wilson-Johnson

    David Wilson-Johnson, bariton

    Met een carrière die meer dan veertig jaar omspant, mag de bariton David Wilson-Johnson een oudgedi

    Met een carrière die meer dan veertig jaar omspant, mag de bariton David Wilson-Johnson een oudgediende genoemd worden. Begonnen als student moderne talen aan de beroemde universiteit van Cambridge stapte hij over op de zang. Hij begon als koorzanger in de welbekende Britse koortraditie, maar al gauw maakte hij als solist carrière.Vrijwel alle grote operahuizen hebben David Wilson-Johnson binnen hun muren gehad, waaronder natuurlijk De Nederlandse Opera. Hoogtepunten in de talloze operaproducties waar hij aan meewerkte waren onder meer Peter Grimes van Britten en de veelgeroemde uitvoeringen van de titelrol in Messiaens St François d'Assise die hij ook in Amsterdam vertolkte. Daarnaast trad David Wilson-Johnson wereldwijd op in de grote concertzalen en zong onder dirigenten als Pierre Boulez, Frans Brüggen, Gennadi Rozhdestvensky en Sir Simon Rattle. De bariton maakte in de loop der jaren meer dan 200 cd’s, waarbij hij ook graag een uitstapje maakt naar het lichtere genre, getuige zijn opnamen met muziek van Mike Oldfield en The Beatles. In 2006 heeft David Wilson-Johnson het operatoneel definitief vaarwel gezegd om zich geheel te wijden aan het concert- en liedrepertoire en educatie. Dat laatste doet hij als zangdocent in Londen en Amsterdam.

    Deel