Deutsches Requiem

Nederlands Philharmonisch Orkest

Deutsches Requiem

MEDIA

Programma

Brahms en Wiggelsworth         

Wigglesworth - Sternenfall Nederlandse première
Brahms - Ein Deutsches Requiem

Chef-dirigent Marc Albrecht zet zich in voor een van de meest geliefde werken uit de koorliteratuur: het requiem dat Brahms schreef op Duitse teksten. Gebruikelijk waren Latijnse teksten. Bovendien koos Brahms niet voor de aloude requiemteksten, maar selecteerde hij fragmenten uit de psalmen en andere bijbelse boeken waarin vergankelijkheid en hoop op nieuw leven bezongen worden. Voor koren is dit requiem een veel gekozen werk omdat het solistische aandeel in de minderheid is. Alle ruimte dus voor Toonkunstkoor Amsterdam. De koorliefhebbende luisteraars krijgen waar voor hun geld, want Brahms was een topper op het gebied van koorzangcompositie. Wat betreft de orkestrale laag ademt dit requiem een symfonische schoonheid. Brahms de zanger en de symfonicus vloeien ideaal samen. De opmaat naar het Requiem vormt de Nederlandse première van Sternenfall van composer-in-residence Ryan Wigglesworth.

Extra: Zaterdag 19.40 uur, Muziekcafé met Ryan Wigglesworth, Spiegelzaal.

  • Over de musici
  • Marc Albrecht

    Marc Albrecht, chef-dirigent

    Nederlands Philharmonisch Orkest

    Vanaf september 2011 is Albrecht chef-dirigent van zowel het Nederlands Philharmonisch Orkest als De Nederlandse Opera.

    Op de leeftijd dat andere kinderen nog met houten zwaarden zwaaiden, zwaaide Marc Albrecht (1964, Duitsland) al met de baton. En hij was nog in zijn tienerjaren toen hij zijn vader, dirigent George Alexander Albrecht, begon te assisteren bij repetities van opera's van Strauss en Wagner.



    De leerjaren bij zijn vader zette Albrecht voort als repetitor bij de Hamburgse opera. Hij speelde er ontzagwekkende operapartituren op de piano om de zangers te begeleiden bij het instuderen van hun rol. Een fantastische leerschool, naar eigen zeggen. De jonge dirigent ontwikkelde zich verder bij het Dresdense operahuis en als persoonlijk assistent van Claudio Abbado bij het Gustav Mahler Jugendorchester in Wenen. Vanaf 1995 braken enorm succesvolle jaren aan bij het Staatstheater Darmstadt. "Ik inhaleerde opera-partituren, was onstuitbaar. De basis die ik toen gelegd heb, geeft me nu een comfortabel gevoel,” zei hij daarover. 

In 2006 ging Albrecht zich een tijd lang meer op orkestmuziek concentreren en kreeg hij een aanstelling bij het Orchestre Philharmonique de Strasbourg. Ook als concertdirigent maakte hij snel naam. Uitnodigingen om te werken met de toporkesten van Europa volgden elkaar razendsnel op: de Berliner Philharmoniker, het Koninklijk Concertgebouworkest, de Staatskapelle Dresden, Munich Philharmonic, Vienna Symphony and the Orchestre National de Lyon.

    Albrechts opera-carrière bleef ondertussen absoluut niet stilstaan. Het mooiste bewijs daarvan is misschien wel het overrompelende succes met Die Frau Ohne Schatten van Strauss in 2008 bij De Nederlandse Opera met het Nederlands Philharmonisch Orkest in de bak! 'He and the orchestra were the triumphant stars of the night,' schreef Opera Today daarover, en voorspelde hem en passant een grote toekomst. Wat later volgde een zeer geslaagd debuut bij het Royal Opera House Covent Garden met Wagners Der fliegende Holländer.




    Vanaf september 2011 is Albrecht chef-dirigent van zowel het Nederlands Philharmonisch Orkest als De Nederlandse Opera, waar hij respectievelijk Yakov Kreizberg en Ingo Metzmachter opvolgt. Een droombenoeming volgens de pers. Klopt helemaal wat ons betreft. En Marc Albrecht zelf? Die was zo gelukkig met de benoeming dat hij onmiddellijk zijn koffers pakte en naar Amsterdam kwam, waar hij inmiddels woont en leeft.

    Deel
  • Inger Dam-Jensen

    Inger Dam-Jensen, sopraan

    De Deense sopraan Inger Dam-Jensen mag met recht de grote operadiva van haar land genoemd worden. Al

    De Deense sopraan Inger Dam-Jensen mag met recht de grote operadiva van haar land genoemd worden. Al vele jaren is ze met hart en ziel verbonden aan de Koninklijke Deense opera, een verbintenis die in 1993 begon. Dat was ook het jaar dat zij de  Cardiff Singer of the World Competition won nadat ze haar zangopleiding aan het Deens Conservatorium in Kopenhagen en de Deense Opera School voltooid had. Ze is beroemd om haar heldere, aanstekelijk en lyrische stem en is daarmee één van de belangrijkste coloratuursopranen van dit moment. Niet voor niets dat zij met grote regelmaat ook in de belangrijkste buitenlandse operahuizen te horen is zoals Covent Garden in Londen, de Opéra Bastille in Parijs en Glyndebourne. Daar en in haar thuisland schitterde ze in grote rollen als Cleopatra in Handels Giulio Césare, Sophie in Der Rosenkavalier en Susanna in Mozarts Figaro. Ook op het concertpodium is Inger Dam-Jensen veelvuldig te horen. Geliefd is zij om haar vertolkingen van het vocale werk van Strauss en Mahler. Van Griegs complete Peer Gynt maakte ze een cd-opname die nog steeds als exemplarisch wordt beschouwd.

    Deel
  • Toonkunstkoor Amsterdam

    Toonkunstkoor Amsterdam, koor

    Het Toonkunstkoor Amsterdam is een waar muzikaal instituut dat de koortraditie in de hoofdstad hooghoudt. Het koor bestaat uit uitstekend geschoolde amateurzangers.

    Toen in 1829 de Maatschappij ter Bevordering der Toonkunst werd opgericht, was Amsterdam één van de eerste afdelingen die een eigen koor oprichtte. In al die jaren is het Toonkunstkoor Amsterdam uitgegroeid tot een waar muzikaal instituut dat de koortraditie in de hoofdstad hooghoudt. Het koor bestaat uit uitstekend geschoolde amateurzangers. Door die hoge kwaliteit verleent het met grote regelmaat medewerking aan producties van de Nederlandse symfonieorkesten waaronder het Koninklijk Concertgebouworkest, het Residentie Orkest, het Rotterdams Philharmonisch Orkest en het Nederlands Philharmonisch Orkest. Daarbij schuwen de zangers het niet om ook lastig repertoire uit de 20e eeuw uit te voeren dat maar zelden bij amateurkoren te vinden is. Niet voor niets dus dat zij in hun lange geschiedenis optraden onder legendarische dirigenten als Otto Klemperer, Bruno Walter, Eduard van Beinum en Bernard Haitink.

    Een belangrijke pijler in het repertoire van Toonkunstkoor Amsterdam, dat sinds 2003 onder leiding staat van Boudewijn Jansen, is de jaarlijkse uitvoering van de Matthäus Passion in het Koninklijk Concertgebouw. Een traditie die met Mengelberg in 1899 in gang werd gezet, en waaraan het Nederlands Kamerorkest ook enkele jaren zijn medewerking verleende.

    Deel
  • David Wilson-Johnson

    David Wilson-Johnson, bariton

    Met een carrière die meer dan veertig jaar omspant, mag de bariton David Wilson-Johnson een oudgedi

    Met een carrière die meer dan veertig jaar omspant, mag de bariton David Wilson-Johnson een oudgediende genoemd worden. Begonnen als student moderne talen aan de beroemde universiteit van Cambridge stapte hij over op de zang. Hij begon als koorzanger in de welbekende Britse koortraditie, maar al gauw maakte hij als solist carrière.Vrijwel alle grote operahuizen hebben David Wilson-Johnson binnen hun muren gehad, waaronder natuurlijk De Nederlandse Opera. Hoogtepunten in de talloze operaproducties waar hij aan meewerkte waren onder meer Peter Grimes van Britten en de veelgeroemde uitvoeringen van de titelrol in Messiaens St François d'Assise die hij ook in Amsterdam vertolkte. Daarnaast trad David Wilson-Johnson wereldwijd op in de grote concertzalen en zong onder dirigenten als Pierre Boulez, Frans Brüggen, Gennadi Rozhdestvensky en Sir Simon Rattle. De bariton maakte in de loop der jaren meer dan 200 cd’s, waarbij hij ook graag een uitstapje maakt naar het lichtere genre, getuige zijn opnamen met muziek van Mike Oldfield en The Beatles. In 2006 heeft David Wilson-Johnson het operatoneel definitief vaarwel gezegd om zich geheel te wijden aan het concert- en liedrepertoire en educatie. Dat laatste doet hij als zangdocent in Londen en Amsterdam.

    Deel