Gurre-Lieder

De Nationale Opera

Gurre-Lieder

Programma

Arnold Schönberg - Gurrelieder

Het was een vurige wens van chef-dirigent Marc Albrecht om bij De Nationale Opera een geënsceneerde versie van Gurre-Lieder te dirigeren: ‘Een spectaculaire, immense, maar tegelijkertijd heel verfijnde partituur. Al studerend ontdekte ik dat het eigenlijk een typisch operawerk is. Het prachtige verhaal en het innerlijke drama lenen zich ervoor; de reusachtige bezetting past precies in de orkestbak van Nationale Opera & Ballet.’

Schönberg begon zijn indrukwekkende Gurre-Lieder als een kleine liedcyclus. De componist die later vooral bekend zou worden als pionier van de moderne muziek, schreef toen nog op een romantische, goed in het gehoor liggende manier. Het werk past helemaal in de tijd van de Jugendstil. Bij de wereldpremière in de Weense Musikverein, 1913, waren de Gurre-Lieder een groot succes.

Niet alleen de muziek spreekt het publiek nog steeds aan, ook het onderwerp is van alle tijden: een hartstochtelijke liefde die stukloopt op standsverschillen. Dit herkenbare gegeven is de kern van een sprookjesachtig verhaal dat teruggaat op een Scandinavische sage, met Gurre als plaats van handeling.

De natuur dringt steeds meer binnen in een realistische wereld. Dit schept ruimte voor fantasie. Het orkestvoorspel schildert het ondergaan van de zon. Koning Waldemar bemint Tove, een meisje van lage komaf. Zij is een mysterieuze figuur, verbonden aan de mensenwereld én aan die van de vogels. Koningin Helvig is jaloers en laat Tove vermoorden. De Woudduif bericht hierover in een ontroerend lied. Waldemar klaagt God aan. Er volgen nachtmerrieachtige taferelen − met een boer als de stem van het volk, en een nar die waanzinnig is geworden. Een woest leger dat in de oorlog is omgekomen raast als een horde geesten in het rond. De stralende zonsopkomst waarmee het stuk eindigt, geeft aan hoe onbeduidend het menselijk lot is in vergelijking met de macht van de natuur. Chef-dirigent Marc Albrecht en regisseur Pierre Audi bundelen voor het eerst hun krachten in dit vernieuwende project. Burkhard Fritz (Henri in Les vêpres siciliennes) is Waldemar, Emily Magee (DNO-debuut) is Tove en Anna Larsson (DNO-debuut) zingt de rol van de Woudduif.

Voor het begeleiden van de producties doet De Nationale Opera een beroep op de beste orkesten uit Nederland, met als vaste partner het Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands Kamerorkest. Het Nederlands Philharmonisch Orkest begeleidt in het seizoen 2014-2015 Gurre-Lieder, Lohengrin, La bohème en Macbeth. Het Nederlands Kamerorkest neemt Il viaggio a Reims en Die Zauberflöte voor zijn rekening.

Voor het eerst in de geschiedenis van De Nederlandse Opera een publicatie op de voorpagina van het feuilleton van de Duitse krant de Frankfurter Allgemeine Zeitung. Ook is er een recensie verschenen in de New York Times.

 

  • Over de musici
  • Marc Albrecht

    Marc Albrecht, chef-dirigent

    Nederlands Philharmonisch Orkest

    Sinds 2011 is Marc Albrecht chef-dirigent van het Nederlands Philharmonisch Orkest, het Nederlands Kamerorkest en De Nationale Opera.

    Sinds 2011 is Marc Albrecht chef-dirigent van het Nederlands Philharmonisch Orkest, het Nederlands Kamerorkest en De Nationale Opera. Een samenwerking die, gezien de vele successen, in ieder geval tot 2020 verlengd is. Marc Albrecht wordt vooral geroemd om zijn interpretatie van werken geschreven rondom de Jahrhundertwende: werken van grootheden als Wagner, Mahler en Richard Strauss, maar ook van minder bekende componisten als Zemlinsky en Schreker. Over Albrechts meest recente Mahlervertolking schreef het NRC: ‘In de Tiende toonde Albrecht opnieuw zijn onopgesmukte Mahler-signatuur. En juist in die Tiende vergrootte zijn geserreerde stijl slechts de impact.’  Naast gastdirecties bij onder meer de Berliner Philharmoniker, Wiener Philharmoniker en het Koninklijk Concertgebouworkest, leidde hij van 2006 tot zijn komst naar Amsterdam het Orchestre Philharmonique de Strasbourg.

    Bij De Nationale Opera dirigeerde Marc Albrecht onder meer Die Frau ohne Schatten en Der Rosenkavalier van R. Strauss, Die Zauberflöte van Mozart, Gurre-Lieder van Schönberg, Lohengrin en Parsifal van Wagner en Hänsel und Gretel van Humperdinck. ‘De grootste pluim gaat naar specialist Marc Albrecht en zijn Nederlands Philharmonisch, die de bontgekleurde orkestpartituur in verbijsterend detail tot leven wekten. Albrecht bouwde de spanning zorgvuldig op en creëerde een geweldige emotionele impact,’ schreef het NRC naar aanleiding van de productie van Bergs Wozzeck in maart 2017.

    Over de hele wereld is Marc Albrecht een uiterst gewild operadirigent.  Al in 2003 debuteerde hij met succes bij de Salzburger Festspiele waar hij in 2010 met de Wiener Philharmoniker tekende voor een indrukwekkende Lulu, een productie die ook op dvd werd uitgebracht. Hij was te gast bij de Bayreuther Festspiele met Wagners Der fliegende Holländer. Met dezelfde opera schitterde hij in Covent Garden. Langdurig en intensief is zijn band met de Deutsche Oper Berlin. Van 2001 tot 2004 was hij er vaste gastdirigent en nog steeds leidt hij met regelmaat nieuwe producties bij dit gezelschap. Zo dirigeert hij in maart 2018 enige voorstellingen van Das Wunder der Heliane van Korngold.

    Ook waren er verscheidene prijzen voor bijzondere opnames. Zo werd in 2014 de opname van de DNO-productie Der Schatzgräber van Schreker onderscheiden met een Edison, terwijl Trojahns opera Orest een Edison-nominatie kreeg. De dvd De legende van de stad Kitesj ontving in 2015 de International Classical Music Award. Tot slot werd de DNO-productie Gurre-Lieder in 2015 genomineerd door de International Opera Award voor beste nieuwe productie. Als extra bekroning werd in 2016 De Nationale Opera onder  Marc Albrechts muzikale leiding door de International Opera Award uitgeroepen tot ‘Opera house of the year’.

    De vele symfonische programma’s die hij met het Nederlands Philharmonisch Orkest uitvoert, bewijzen overtuigend dat Marc Albrecht ook in de concertzaal één van de leidende dirigenten van onze tijd is. Marc Albrecht en het Nederlands Philharmonisch Orkest brachten diverse opnamen uit waaronder Mahlers orkestliederen en Vierde symfonie en de complete Elektra van Strauss.

    Deel
  • Pierre Audi

    Pierre Audi, regie

    Pierre Audi mag zich scharen onder de meest innovatieve theaterregisseurs van onze tijd.

    Pierre Audi mag zich scharen onder de meest innovatieve theaterregisseurs van onze tijd. Zijn producties zijn opzienbarend en gedurfd, ze worden bejubeld maar roepen ook op tot boeiende discussies over de essentie van toneelregie. Zijn jeugd had een internationaal karakter. Audi werd in 1957 geboren in Libanon, groeide op in Frankrijk en studeerde geschiedenis in Oxford. Daar kwam hij in aanraking met het toneel en regisseerde enkele voorstellingen bij de Oxford University Dramatic Society.
    In 1979 richtte hij het Almeida Theatre op en ontwikkelde het tot een gerenommeerd theater voor avant-garde toneel, muziek en dans. In 1988 werd Audi aangesteld als artistiek directeur van De Nederlandse Opera. Als zodanig maakte hij talloze spraakmakende operaproducties waaronder een cyclus met de opera’s van Monteverdi, de drie Da Ponte-opera’s van Mozart, diverse wereldpremières en zijn fenomenale enscenering van Wagner complete Ring. Vanaf 2005 is hij ook artistiek directeur van het Holland Festival, een functie die hij tot 2014 zal bekleden.
    Maar De Nederlandse Opera is niet de enige activiteit van Pierre Audi. Hij regisseerde ook operaproducties bij vele grote operahuizen over de hele wereld. Daarnaast produceerde hij toneelvoorstellingen bij belangrijke toneelgezelschappen waaronder Toneelgroep Amsterdam en het Zuidelijk Toneel. Voor zijn werk is Audi vele malen gelauwerd. Hij ontving onder meer de Leslie Boosey Award en de Prins Bernhard Cultuurfonds Theater Prijs. Ook werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en Chevalier de la Légion d'Honneur.

    Deel
  • Burkhard Fritz

    Burkhard Fritz, tenor

    Burkhard Fritz volgde tegelijkertijd een zangopleiding en een studie medicijnen in zijn geboortestad

    Burkhard Fritz volgde tegelijkertijd een zangopleiding en een studie medicijnen in zijn geboortestad Hamburg. De muziek won het uiteindelijk en al snel volgden de eerste uitnodigingen, eerst van de kleinere theaters van Bremerhaven en Gelsenkirchen, niet lang daarna ook van de Deutsche Opera am Rhein in Essen. Sinds 2004 is hij vast verbonden aan de Deutsche Oper Berlin, waar hij sindsdien in vele opera’s een belangrijk aandeel had. Vooral zijn Wagnervertolkingen oogstten veel bewondering. In Nederland kreeg hij bekendheid met zijn rol in Les vêpres Siciliennes van Verdi bij De Nederlandse Opera in september 2010. Maar ook zong hij in de Scala van Milaan, de Salzburger Festspiele en de Wiener Staatsoper. En de eerste uitnodiging voor Bayreuth heeft hij inmiddels ontvangen.
 Spectaculair was zijn optreden in 2008 in Hamburg toen hij onder leiding van Jeffrey Tate een verbluffende uitvoering gaf van Mahlers Das Lied von der Erde. Zoals de vakpers hem zonder omhaal omschreef: ‘Burkhard Fritz met zijn stalen kracht is een ware openbaring’.

    Deel