Roukens en Brahms

Nederlands Philharmonisch Orkest

Roukens en Brahms

MEDIA

Programma

Roukens -  Morphic Waves wereldpremière
Mahler -  Rückert-Lieder 
Brahms - Symfonie nr. 4

In dit programma maakt Joey Roukens zijn titel composer-in-residence helemaal waar, want speciaal voor dit concert schrijft hij een nieuw werk, waarin een belangrijk aandeel voor slagwerk zal zitten. De Volkskrant schreef over hem: ‘Roukens is geen modernist. Hij put uit bronnen als Stravinsky, Orff of, recenter, Steve Reich en vooral John Adams, ook een aartseclecticus. Maar met die geleende elementen ontwikkelt hij een eigen betoog, waarin hij niet benauwd is stevig uit te pakken.’ De mezzosopraan Alice Coote maakte eerder in dit seizoen furore met de vertolking van Mahlers Kindertotenlieder. Nu zingt zij vijf teksten, de zogeheten Rückert-Lieder van dezelfde dichter Friedrich Rückert, die werden getoonzet door Gustav Mahler. Een van de mooiste daarvan is wellicht het aangrijpende Ich bin der Welt abhanden gekommen. De Symfonie nr. 4 van Johannes Brahms vormt een overrompelende laatromantische afsluiting.

Fonds Podiumkunsten

 

  • Over de musici
  • Marc Albrecht

    Marc Albrecht, chef-dirigent

    Nederlands Philharmonisch Orkest

    Vanaf september 2011 is Albrecht chef-dirigent van zowel het Nederlands Philharmonisch Orkest als De Nederlandse Opera.

    Op de leeftijd dat andere kinderen nog met houten zwaarden zwaaiden, zwaaide Marc Albrecht (1964, Duitsland) al met de baton. En hij was nog in zijn tienerjaren toen hij zijn vader, dirigent George Alexander Albrecht, begon te assisteren bij repetities van opera's van Strauss en Wagner.



    De leerjaren bij zijn vader zette Albrecht voort als repetitor bij de Hamburgse opera. Hij speelde er ontzagwekkende operapartituren op de piano om de zangers te begeleiden bij het instuderen van hun rol. Een fantastische leerschool, naar eigen zeggen. De jonge dirigent ontwikkelde zich verder bij het Dresdense operahuis en als persoonlijk assistent van Claudio Abbado bij het Gustav Mahler Jugendorchester in Wenen. Vanaf 1995 braken enorm succesvolle jaren aan bij het Staatstheater Darmstadt. "Ik inhaleerde opera-partituren, was onstuitbaar. De basis die ik toen gelegd heb, geeft me nu een comfortabel gevoel,” zei hij daarover. 

In 2006 ging Albrecht zich een tijd lang meer op orkestmuziek concentreren en kreeg hij een aanstelling bij het Orchestre Philharmonique de Strasbourg. Ook als concertdirigent maakte hij snel naam. Uitnodigingen om te werken met de toporkesten van Europa volgden elkaar razendsnel op: de Berliner Philharmoniker, het Koninklijk Concertgebouworkest, de Staatskapelle Dresden, Munich Philharmonic, Vienna Symphony and the Orchestre National de Lyon.

    Albrechts opera-carrière bleef ondertussen absoluut niet stilstaan. Het mooiste bewijs daarvan is misschien wel het overrompelende succes met Die Frau Ohne Schatten van Strauss in 2008 bij De Nederlandse Opera met het Nederlands Philharmonisch Orkest in de bak! 'He and the orchestra were the triumphant stars of the night,' schreef Opera Today daarover, en voorspelde hem en passant een grote toekomst. Wat later volgde een zeer geslaagd debuut bij het Royal Opera House Covent Garden met Wagners Der fliegende Holländer.




    Vanaf september 2011 is Albrecht chef-dirigent van zowel het Nederlands Philharmonisch Orkest als De Nederlandse Opera, waar hij respectievelijk Yakov Kreizberg en Ingo Metzmachter opvolgt. Een droombenoeming volgens de pers. Klopt helemaal wat ons betreft. En Marc Albrecht zelf? Die was zo gelukkig met de benoeming dat hij onmiddellijk zijn koffers pakte en naar Amsterdam kwam, waar hij inmiddels woont en leeft.

    Deel
  • Joey Roukens

    Joey Roukens, componist

    Composer-in-residence Van Titaantje tot huiscomponist Zo’n vijftien jaar geleden maakte&n

    Composer-in-residence

    Van Titaantje tot huiscomponist
    Zo’n vijftien jaar geleden maakte Joey Roukens al kennis met het Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands Kamerorkest. Dat organiseerde het project Titaantjes met vijf talentvolle componisten niet ouder dan twintig jaar. Joey Roukens,
    toen 19 jaar, was een van hen. ‘Ik was net begonnen met mijn psychologiestudie. Een jaar later ging ik ook naar het conservatorium. Ik combineerde beide studies, maar compositie heb ik eerder afgemaakt. Muziek, componeren, dat trok mij het meest’, vertelt Roukens. Van ‘Titaantje’ toen tot ‘composer-inresidence’ bij NedPhO|NKO dit seizoen, waarin hij 33 jaar wordt. 

    Wat doet een composer-in-residence, in goed Nederlands ‘huiscomponist’?
    In ieder geval componeren. De opdracht heeft hij al. Een werk voor orkest dat vrijwel aan het einde van het seizoen tot klinken zal komen. ‘Ik heb nog geen idee wat het wordt’, zegt Roukens, zo’n anderhalf jaar vóór de geplande première. ‘Er zal zeker een belangrijk aandeel voor slagwerk in zitten, een essentieel onderdeel van mijn orkestrale palet. Ik wil het orkest leren kennen om te ontdekken wat de sterke punten zijn. Heeft het gevoel voor de ritmische kant in mijn muziek, voor de snelle opeenvolging van allerlei stijlen? Ik ben geen modernist, maar ook geen traditionalist; ik put uit een veelvoud aan elementen waar onze tijd vol mee is, van middeleeuwse muziek tot technopop. De musici zullen mijn muzikale taal ervaren, want er worden twee bestaande werken uitgevoerd eerder in het seizoen.’ 

    De bestaande werken die gespeeld zullen worden zijn: From funeral to funfair (and back…) uit 2007 en het concert voor slagwerk-solo en ensemble Percussion Concerto uit 2011. Roukens is blij dat zij een tweede kans beleven. ‘Vaak krijg je van orkesten een opdracht en dan is de première tevens de dernière. Terwijl de eerste uitvoering eigenlijk een veredelde repetitie is. Een nieuw werk moet de gelegenheid krijgen om te groeien, zowel bij de musici als bij de luisteraars.’ Roukens schrijft graag voor orkest. ‘Het
    symfonieorkest  is beslist geen ouderwets  achterhaald medium. Voor mij is het een onuitputtelijke bron van inspiratie door de rijkdom aan kleuren en de intensiteit van de expressie die je eruit kunt halen.’

    Deel
  • Alice Coote

    Alice Coote, mezzosopraan

    Haar moeder vertelde Alice Coote dat ze direct na haar geboorte drie dagen achtereen geschreeuwd had

    Haar moeder vertelde Alice Coote dat ze direct na haar geboorte drie dagen achtereen geschreeuwd had. Het was wel duidelijk dat Alice later iets met haar stem zou gaan doen. Het werd zang en na haar studie aan onder andere de Guildhall School of Music and Drama in Londen groeide ze uit tot een van de beste mezzosopranen van Groot Brittannië. Haar lyrische stem met toch een subtiel donkere ondertoon leent zich vooral goed voor de castraatrollen uit de barokke opera. Alice Coote heeft in haar carrière hierdoor al veel Händel gezongen, maar ook andere operarollen, van Monteverdi tot Britten, brachten haar bij onder meer Covent Garden, de Metropolitan Opera in New York en De Nederlandse Opera. Minstens even groot is haar liefde voor de concertzaal. Met pianist Julis Drake reist ze de hele wereld over en geeft hooggewaardeerde recitals. Ook werkte ze met veel orkesten samen en soleerde bij het London Symphony Orchestra, het Boston Symphony Orchestra en het Koninklijk Concertgebouworkest, waar zij dirigenten als Pierre Boulez en Valery Gergiev ontmoette. Niet in de laatste plaats maken haar interpretaties van Mahler haar op het grote podium erg geliefd.

    Deel